27 juli 2017

AVG: Wat houdt een gerechtvaardigd belang in?

Wereld met data en slot

De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) moet ervoor zorgen dat een verwerking van persoonsgegevens rechtmatig gebeurt. Je hebt daarom als organisatie altijd een zogeheten grondslag voor de verwerking van persoonsgegevens nodig. Veruit de bekendste grondslag is natuurlijk ‘toestemming van de betrokkene’, maar voor een webwinkel kan een ‘gerechtvaardigd belang’ ook een belangrijke basis voor verwerking zijn. Wat is een gerechtvaardigd belang eigenlijk?

Onder de AVG mag je persoonsgegevens verwerken wanneer dit noodzakelijk is op basis van een gerechtvaardigd belang (bijvoorbeeld het verrichten van een reguliere bedrijfsactiviteit). Zo’n verwerking mag alleen als de fundamentele rechten en vrijheden van de betrokkene niet zwaarder wegen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het recht op privacy van consumenten en werknemers.

Van een gerechtvaardigd belang kan sprake zijn wanneer er een ‘relevante en passende verhouding’ is tussen een organisatie en de persoon wiens gegevens door deze organisatie worden verwerkt. Deze verhouding is volgens de verordening bijvoorbeeld aanwezig bij een relatie tussen een organisatie en haar klanten of een organisatie en haar werknemers. Ook moet er een zorgvuldige afweging worden gemaakt over wat de ‘redelijke verwachtingen’ van de klant binnen die klantrelatie zijn en of zijn recht op privacybescherming niet zwaarder weegt dan het belang van de organisatie. Als de consument of klant door het moment of de manier waarop zijn persoonsgegevens worden verzameld, niet redelijkerwijs kon verwachten dat de organisatie die gegevens voor een bepaald doel zou gebruiken, is de kans klein dat de webshop er een gerechtvaardigd belang bij had.

Is de verwerking van de gegevens wel noodzakelijk?

Tot slot moet het noodzakelijk om de persoonsgegevens voor het gerechtvaardigd belang te gebruiken. Als het belang van de organisatie ook op een andere, minder ingrijpende wijze kan worden behartigd, kan de verwerking van persoonsgegevens alsnog onrechtmatig zijn. Het is daarom belangrijk om te kijken naar de gevoeligheid van de gegevens en in hoeverre de organisatie rekening heeft gehouden met de rechten en belangen van de betrokkene.

Gerechtvaardigd belang bij direct marketing

Het verwerken van persoonsgegevens voor direct-marketingdoeleinden kan volgens de verordening een verwerking zijn die is uitgevoerd met een gerechtvaardigd belang. Een webshop kan daarom een gerechtvaardigd belang hebben bij het gebruik van een e-mailadres of postadres voor gerichte reclame (zegt ook de Autoriteit Persoonsgegevens (AP)). Dit mag echter niet als de persoon in kwestie hier bezwaar tegen had gemaakt toen deze gegevens werden verzameld. De klant of consument moet verder op elk moment kosteloos bezwaar kunnen maken tegen het gebruik van zijn gegevens voor direct-marketingdoeleinden. Organisaties moeten hier duidelijk, uitdrukkelijk en afgezonderd van andere informatie over informeren. Het is in dit geval aan de organisatie om aan te tonen dat haar belang zwaarder weegt dan de belangen of grondrechten van de persoon in kwestie.